Tips

Op de meeste campers zitten 2 accu’s (soms meer). Eén accu om te starten deze bevindt zich bij oudere campers onder de motorkap en bij de jongere campers meestal tussen de voorstoelen. De andere accu is de service accu, deze accu is bedoeld om het kampeergedeelte te laten functioneren. Soms zit deze accu onder de voorstoel en soms achter in de camper. Wanneer de service accu helemaal leeg is kan hij niet via de acculader in de camper worden opgeladen. Men moet dan om de accu weer op te laden een externe lader gebruiken. De accu wordt opgeladen tijdens het rijden of wanneer u aan de 220V staat. Ook wanneer je een zonnepaneel hebt wordt deze accu bijgeladen. Koppel in de winter een accu af of zet hem aan de lader, een accu zonder spanning zal bevriezen en is dan kapot.

In een camper zitten 2 watertanks, schoon en vuil. De schoon watertank zit in de camper, de vuil watertank zit onder de camper. Spoel de schoon watertank door aan het begin van het seizoen of gebruik een speciale reiniger. Let op gebruik alleen vloeibare reiniger!

Voor het winterklaar maken van de camper, is het nodig om beide tanks leeg te laten lopen.

Wanneer het water onder de camper eruit stroomt check dan de vorst beveiliging deze knop bevindt zich bij de combi boiler (verwarmingsketel). Bij oudere campers is het een rode knop die omhoog getrokken kan worden. Bij de nieuwere campers zijn het twee blauwe knoppen, de grote blauwe ovale knop moet dwars op de vorstbeveiliging gedraaid worden en de kleine blauwe knop moet ingedrukt worden. Dit is ter beveiliging van het kapotvriezen van de boiler. Wanneer de knoppen niet in de juiste stand blijven staan in verband met de kou moet men eerst de kachel aan doen.

Eigenlijk alles binnen in de camper werkt op 12 volt, via de accu’s, indien je 220 volt wilt gebruiken moet je de camper aan het 220 v aansluiten. Stel de regel is dat je gemiddeld 3 dagen zonder bijladen de accu’s kunt gebruiken. Via zonnepanelen kun je de capaciteit van de accu verhogen, dit is geen hoofd lading maar bij lading.

Het gas in de camper wordt gebruikt om te koken, te verwarmen en te koelen (koelkast). De meeste campers hebben gasflessen. In de winter gebruik je ongeveer 1 fles per week maar in de zomer zonder gebruik van kachel kun je weken met een gasfles doen. De koelkast kan ook op gas werken, dit is bedoeld voor wanneer je op een plek staat zonder stroom (wildkamperen). Soms start de combiboiler niet ineens op, dat kan door lucht in de leiding. Probeer het enige malen, lukt dit niet controleer of de accu meer dan 12 volt heeft en of de gasdruk voldoende is.

Check voor de rit je vloeistoffen zoals oliepeil, koelvloeistof etc. Een te hoog oliepeil kan schade aan je motor geven en een te lage ook. Kijk je ook even waar de zekeringen van je camper zitten. Bij de meeste campers is geen reservewiel meer aanwezig.

Een camper wordt waterdicht gemaakt met kit, kit heeft helaas niet het eeuwige leven. Vroeg of laat zul je te maken krijgen met lekkage van bijvoorbeeld dakluiken of ramen. Indien je lekkage ontdekt aan bijvoorbeeld het dakluik, kit deze niet alleen af maar demonteer het dakluik, ontvet deze en plaats het dakluik daarna terug met professionele kit. Beter is het dit door een deskundig iemand te laten doen.

Draai een luifel nooit helemaal uit zonder ondersteuning, als je de luifel uitdraait zet de poten uit en draai dan verder. Zet de luifel goed vast aan de grond, zodat deze niet kapot waait met de wind. Het beste is om ook nog de luifel met een stormband vast te zetten.

Kijk altijd naar het maximum gewicht van de fietsendrager, meestal is dit 50 kg, weeg de fietsen indien je het niet zeker weet!

Goed voorbereid op reis met Taekema Campers